Premium

Marco zit na de moord op zijn zoon Milan (17) zeven jaar lang wezenloos voor de tv, met een lading drank. ’Helemaal kapot. En dat ben ik nog steeds. Een juten zak met hersens’

Marco de Groot is getekend door verdriet. ,,Milan is de enige mens van wie ik echt heb gehouden.’’
© Foto George Stoekenbroek
Den Helder

„Zie je die stoel?”, vraagt Marco de Groot en wijst naar een hoek in zijn woonkamer. „Daar heb ik zeven jaar dag in dag uit in gezeten. Met een fles drank naast me, voor de tv. Zeven jaar lang heb ik televisie zitten kijken, maar ik weet bij Onze-Lieve-Heer niet wat ik heb gezien. Ik was helemaal kapot. En dat ben ik nog steeds.”

Het is de nacht van 3 op 4 maart maart 2006 als het leven van de nu 73-jarige Marco de Groot uit Den Helder een dramatische wending neemt. Dat kwellende ’wat als’-spook wil sindsdien zijn hoofd niet uit. Wat als zijn 17-jarige zoon die avond al op de fiets was gestapt? Wat als hij niet nog een nachtje bij zijn moeder op de bank had geslapen? Had Milan dan nog geleefd?