’Hoewel de aanleiding verschrikkelijk was, was het voetbal voor even weer van het volk’ | EK-column

De voetbalwereld trok na het verschrikkelijke incident zaterdag in Kopenhagen voor even lijkbleek weg.

Veel later op de avond - de schrik zat er nog steeds in maar de berichten rond de toestand van Christian Eriksen waren inmiddels bemoedigend - kwam diezelfde wereld met betraande ogen langzaam weer in beweging. En werd er toch gevoetbald.

De tranen werden afgeveegd, maar de wangen bleven rood. Gloeiend van emotie maar ook van trots. Van gepaste trots. Want hoewel de aanleiding verschrikkelijk was, gebeurde er ook iets heel moois. Het voetbal dat steeds meer een speelbal van de rijken is geworden, was voor even weer van het volk.

De beelden op televisie waren hartverscheurend en prachtig tegelijk. De Deense aanvoerder die de vriendin van Eriksen troostte, de spelers van beide kanten die steun bij elkaar zochten en de samenzang op de tribunes van het Parken Stadion. Die Finse supporter die minutenlang wezenloos voor zich uit staarde, terwijl hij een Deense vlag omhooghield.

Ook in Hilversum schoten de emoties alle kanten op. Het gekeuvel over voetbal was ver weg. Prachtig hoe Kenneth Perez zijn aangeslagen mede-analist Ibrahim Afellay opving. Als de mentor die hij zelf ooit bij het Deense elftal ook voor Eriksen was geweest. Aan de respectvolle manier waarop Perez - vriend van de familie Eriksen - zijn woorden koos, zouden wereldleiders in crisistijd een voorbeeld kunnen nemen.

Even draaide voetbal niet meer om commerciële belangen. Deense en Finse supporters op de tribunes, de kenners in de televisiestudio’s en zelfs de liefhebbers en voetbalhaters in de vele huiskamers. Iedereen was één. Het voetbal toonde zijn hart. In tijden van verdriet blijkt niet alles om geld te draaien. En dat is een geruststellende gedachte.

Leve het voetbal. Leve Christian Eriksen.

Net binnen