Premium

Wandelen als uitlaatklep bij haperend brein: ’Ik heb het geaccepteerd dat ik af en toe een woord vergeet’

Wandelen als uitlaatklep bij haperend brein: ’Ik heb het geaccepteerd dat ik af en toe een woord vergeet’
Wandelgroep De Opstappers trekt er elke week op uit.
© foto kees de boer
Velsen

Allemaal hebben ze een zogenaamd ’haperend brein’. En allemaal lopen ze elke dinsdagmorgen mee met De Opstappers, een wandelgroep die anderhalf jaar geleden is ontstaan vanuit het Ontmoetingscentrum Zeestroom aan het Zeewijkplein.

De groep verzamelt zich elke dinsdagmorgen om half elf in Sportcafé Nol. Dan wordt er eerst samen een kop koffie gedronken, beetje bijgepraat en vervolgens gaat de groep rond elf uur op pad voor een wandeling van zo’n anderhalf uur.

„Het is laagdrempelig”, zegt begeleidster Corina Willemse van Zorgbalans, die samen met collega Ilse Korf de wandelgroep leidt. „De deelnemers hebben allemaal in meer of mindere mate last van dementie, maar iedereen woont nog thuis. Iedereen heeft een indicatie, waardoor ze mee kunnen doen met ons. Maar je kunt ook eerst zonder indicatie meelopen. Kijken of je het leuk vindt. Die indicatie kunnen we dan later wel regelen.”

Bos en duinen

Meestal loopt de groep op dinsdag in Nationaal Park Zuid-Kennemerland, maar het gebeurt ook wel dat ze met de groep naar het Scheepvaartmuseum in Amsterdam of naar het strand in Wijk aan Zee gaan. „In de winter lopen we het liefst in het bos en in de duinen”, zegt Corina. „Vooral als het waait. In de zomertijd gaan we meestal naar het strand en weer terug.”

Deelnemer Kees (83) heeft het naar zijn zin, zegt hij. „Ik vind het altijd leuk om mee te lopen. Je hoeft niks, alleen maar een beetje te wandelen en genieten van de natuur. En van beide ben ik een groot liefhebber.”

Het is ook een sociaal gebeuren, zegt hij. „De mannen die meedoen zitten allemaal in hetzelfde schuitje. En of ze nou meer of minder bij de tijd zijn, mij maakt het niet uit. Ik maak met iedereen een praatje en kan met allemaal goed omgaan.”

Hij vertelt dat er vorig jaar dementie bij hem werd vastgesteld. „Ik het begin was ik er best boos over, maar dat ben ik nu niet meer. Ik heb het geaccepteerd dat ik bijvoorbeeld af en toe een woord vergeet. Dat woord bedenk ik dan later wel weer.”

Halverwege is er even een tussenstop. Op een open plek komen de kannen met vruchtensap tevoorschijn uit de rugzakken van de begeleiders. „Ook nog een Snickertje erbij, mannen?”, vraagt Ilse.

Dan gaat de tocht weer verder, de terugtocht wordt aanvaard.

„Het is voor mij een hele fijne uitlaatklep”, zegt deelnemer Herman. „Ook door de gesprekken, deze groep helpt elkaar. Ik ga er elke week met plezier naartoe.”