De ’coco de mer’: evolutionair niet de slimste, maar gered door de vorm van een een goed paar ronde billen | Bioloog Auke-Florian Hiemstra duikt in de kleurrijke collectie van Naturalis

Auke-Florian Hiemstra

Bioloog Auke-Florian Hiemstra beschrijft elke week een bijzonder stuk uit de collectie van Naturalis. Wil je weten waar je het object in het museum kan vinden? Dat laat hij zien op zijn Instagram: @aukeflorian.

Op elk tropisch eiland kun je ze vinden: palmbomen. Ook al steekt er amper een rots boven het water uit, daarop groeit dan een palm. Zonder palmboom hoor je er als eiland kennelijk niet bij. Brochures van reisbureaus en advertenties voor verre reizen; ze lijken direct uit de koker te komen van de palmbomenlobby. Hoe doen ze dat toch? Wie zit hierachter? Wie plant toch op die meest onmogelijke plekken steeds een palm?

Dit is het slimme van de palm, dat doen ze helemaal zelf. De vruchten van de palmboom, zijn licht, goed waterafstotend en kunnen dus drijven. Er gaan wilde verhalen dat ze vele duizenden kilometers zouden kunnen afleggen, en misschien kunnen ze dat ook wel, maar dat hebben ze helemaal niet nodig. Rustig, van eiland naar eiland hoppend, verspreidt de palm zich kabbelend op het water. Om op een dag wellicht op het strand van een nog niet begroeid eiland geworpen te worden, en daar dan als een van de eersten te groeien. De palm-moeder geeft haar vruchten zelfs een lunchpakketje mee, nee beter: een overlevingspakket. De kokos is bedoeld als voedsel voor de jonge scheut, en de kokosmelk als eerste beetje zoet water. Vertederend, en tegelijkertijd een weergaloos succes.

Het leuke van de natuur is: er is altijd een uitzondering. Ook in de familie van de palmen, is er een soort die het niet helemaal heeft begrepen. Arm ding. De vruchten van de ‘coco de mer’-palm, de zee-kokosnoot, zijn namelijk zwaarder dan zeewater. Deze soort, groeit alleen op de Seychellen, een afgelegen eilandengroep in de Indische oceaan. Of sterker nog, ze komt alleen voor op slechts twee dichtbij elkaar gelegen eilandjes. De vrucht kan namelijk wel meer dan 40 kilo wegen, en de kokosnoot die daarin zit wordt soms wel 18 kilo. Het zou me niet verbazen als er een kleine krater ontstaat, wanneer zulke joekels uit de boom vallen, maar bovenal, ze zinken dus als bakstenen. Evolutionair natuurlijk mega onhandig, het is werkelijk de panda onder de planten, want ze zullen zich dus nooit verspreiden. Maar zeg nooit nooit…

Want jawel, de ‘coco de mer’ heeft andere kwaliteiten! Kort na de ontdekking van deze bomen werden haar kokosnoten al snel wijdverspreid bekend. Gretig werden ze door zeelui verscheept en bij menig verzamelaar was het op slag een geliefd object. En dat allemaal met een simpele reden. Deze kokosnoten hebben precies de grootte en vorm van een goed paar ronde billen. Evolutionair niet de slimste, maar gered door haar looks!

Lees ook de eerdere afleveringen:

Uit de vlammen gered: de reuzengrondluiaard

Een van de weinige bewijzen dat de dodo echt heeft bestaan, is het skelet van de magische vogel

Een ‘eeuwig bloeiend’ cadeau

’Heb jij nog een opgezet dier? Ik wil ‘em’!’

Flitsende verstilde bliksemschicht

De 12-meter lange ‘Camera’-saurus moet één van de meest gefotografeerde museumschatten zijn

Alles kan worden gladgetrokken en weggebotoxt, maar de olifant draagt zijn kreukels met trots!

© Alexander Schippers