In het huis van Maisa van der Kolk klinkt muziek uit de hele wereld

© Foto Erna Faust

Nina Bakker
Edam

Die speciale stoel, het uitzicht, je werkplek of dat schuurtje. Wat maakt dat jij je thuis voelt? Waar ben jij ’lekker thuis’? Die vraag leggen we voor aan Maisa van der Kolk, die een weverij en instrumentenmuseum in huis heeft.

In de oude binnenstad van Edam woont Maisa zo’n 31 jaar. Als je bij haar langsgaat, ben je niet alleen bij haar thuis, maar ook in een weverij en een museum vol bijzondere instrumenten. Er is precies genoeg plek voor Maisa om zich uit te leven met haar passie voor muziek en weven.

Jaren geleden begon ze al met muziek maken. Ze zong in een koor en begon daarbij steeds meer instrumenten te bespelen.

„Het is mooi als je in een orkest niet alleen kan zingen, maar ook een instrument kan spelen. Mijn eerste instrument was de Finse schootharp, de kantele, een typisch solo-instrument. Uiteraard aangeschaft omdat mijn moeder Fins was. Daarna kwam de strijkpsalter, zodat ik ook met anderen kon samenspelen. Het heeft een fijne klank en je kunt er mooi solistisch of tweestemmig op zingen. Zo begon ik steeds meer instrumenten te verzamelen. Op een gegeven moment had ik er zoveel dat het een museum kon worden.”

In Maisa’s elf meter lange woonkamer vind je uitsluitend aparte soorten instrumenten: van psalter tot zingende zaag, van glasinstrument tot citer.

„Als ik een instrument hoor, denk ik: ’wat zou dat zijn?’ Dan is er altijd iemand die zegt wat voor instrument dat is. Ik zoek het op internet op en kijk of ik het kan betalen. Soms is het heel bijzonder en zijn er misschien maar tien van dat soort instrumenten gemaakt in heel Europa. Dan moet je heel erg uitzoeken wie zo’n instrument bouwt. Ik zoek door tot ik de juiste bouwer gevonden heb. Zo ben ik ook aan mijn glasinstrumenten gekomen. Dat zijn een soort buizen die zo zijn gemonteerd dat ze van klein naar groot lopen. Nu heb ik langzamerhand wel genoeg instrumenten.”

Bezoekers van haar museum gaan met Maisa mee op rondreis. „Ik leg de hele tafel vol met zo’n vijftien instrumenten en dan maken we een reis door Europa: we beginnen in Nederland met de hommel, gaan door naar Frankrijk met de draailier, naar de nyckelharpa uit Zweden, soms naar Rusland voor de balalaika, naar

Duitsland voor de citers en mandoline. Zo gaan we een heleboel instrumenten uit allerlei landen af.”

Maisa maakte ook meerdere podcasts over Scandinavische muziek. Daarnaast is ze volop bezig met weven. In de voorkamer is de muziekkamer, in het achterhuis heeft ze haar weefatelier waar ze in miniatuur weefcreaties maakt. „Ik weef al zestig jaar en vind het nog steeds heerlijk. Het is ontspannen, vreselijk arbeidsintensief maar heel leuk. Ondertussen luister ik muziek en ontdek weer nieuwe instrumenten. Zo kan ik het mooi combineren. Ik ben een echt ’snarenmens’, als je weeft werk je met garen, ook eigenlijk een soort snaren, als ondergrond.”

Na de middelbare school begon Maisa met weven. Ze werkte op een weverij en leerde alle technieken. Ze heeft heel groot werk gemaakt, maar maakt nu vooral miniaturen. Ze laat zich inspireren door de natuur.

„Mijn schoondochter houdt van lieveheersbeestjes, dus ik ben op dit moment bezig met een lieveheersbeestje dat op een klavertje vier zit. Soms maak ik een wilde waterstroom, dat is abstracter. Er gaat veel tijd in zitten, met een klein beestje ben ik wel dertig uur bezig. Vroeger maakte ik grote touwinstallaties die je aan het plafond kon hijsen. Mijn dochter is met een Fin getrouwd, als ik bij haar in Finland ben dan ga ik naar de weverij waar ik met een toestel groter werk kan maken.”

Net binnen